We hebben er allemaal een hekel aan: de file. En toch staan we er met z’n allen in. Veel mensen sluiten iedere dag op hetzelfde tijdstip aan en houden er zelfs rekening mee in hun tijdsplanning. Ik ook. Zelfs wanneer een ongeluk de oorzaak is van de file, betrap ik mezelf erop dat ik – ondanks de dikke rode streep op Google Maps – toch die route neem en de opstopping accepteer. Dit zit zo in ons systeem, maar we irriteren ons er niet minder aan. Want voor iedereen geldt dat het niet de meest productieve invulling van onze schaarse tijd is.

‘Wat zouden we als transportsector nog meer kunnen doen om ervoor te zorgen dat iedereen het asfalt kan gebruiken waar het voor bedoeld is?’  

cindy visser, directeur bij Visser Duiven

Als ik dan eenmaal in die file sta, kijk ik om me heen. De een zit druk te bellen achter het stuur, de ander met een lege blik voor zich uit te staren. Ik vraag me af: waarom staan we eigenlijk in de file? Is er te weinig asfalt? Of is het te druk? Hoe kunnen we onszelf dit fileleed besparen? Meer asfalt is de meest voor de hand liggende oplossing, maar is dat wel dé oplossing? De stroperige besluitvorming over de aanleg of verbreding van wegen en de lange doorlooptijd hiervan bieden op korte termijn die uitweg in ieder geval niet. Is de fiets een alternatief? Als zij op de fiets naar hun werk gaan, levert de werkgevers dat fittere werknemers op. Ik zie veel mensen alleen in de auto zitten, kunnen zij niet samen rijden? En hoe zit het met het gebruik van ons brede openbaarvervoersnetwerk dat in Nederland goed geregeld is? 

Tijdens de coronapandemie hebben we gezien dat ondanks de maatregelen de filedruk weliswaar in sterke mate is afgenomen maar zeker niet is verdwenen. Op bepaalde knelpunten staat het vaak nog steeds vast, zelfs wanneer de weg minder gebruikt wordt voor met name woon-werkverkeer. Hierdoor is de urgentie van het oplossen van de files alleen maar groter geworden. 

Deze column is verschenen in
het magazine Transport & Logistiek. 
Meer lezen? Kies dan hier uw (online)abonnement!

Ik haal een vrachtwagen in. Ik weet dat deze een grote weggebruiker is. Voor ons in de transportsector is het asfalt onmisbaar en het gebruik hiervan noodzakelijk. In het maken van onze planning houden we rekening met files en rijden we bewust zo weinig mogelijk tijdens de spits. Wat zouden we als transportsector nog meer kunnen doen om ervoor te zorgen dat iedereen het asfalt kan gebruiken waar het voor bedoeld is?  

Zodra het verkeer weer begint te rijden, sluit ik deze gedachten af met de conclusie dat het cliché in dit geval ook weer waar is: de oplossing begint bij onszelf. 

Cindy Visser is directeur bij Visser Duiven.